post

Museum de Vier Quartieren Oirschot

Museum de Vier Quartieren Oirschot, lokale vondsen uit de omgeving uit de romeinse tijd.
Het Groene Woud bestaat uit tien gemeenten, grote natuurgebieden en authentieke landschappen, gelegen tussen de steden ‘s-Hertogenbosch, Eindhoven en Tilburg. De eerste Romeinen in het Groene Woud kwamen vanaf ongeveer 57 v. Chr. De bekende Romein Julius Caesar schreef erover in zijn boek ‘De Bello Gallico’. Het was een bosrijk gebied met kleinschalige landbouw en veeteelt. In het Groene Woud woonden vanaf de eerste eeuw de Bataven. In de eerste eeuw ontstond er een bijzondere relatie tussen de Romeinse overheerser en de Bataven. Ze werden bondgenoten van de Romeinen en belangrijke rekruten-leveranciers voor het Romeinse leger.
Als gevolg van de komst van de Romeinen en de ontwikkeling van de handel ontstond er meer dan 200 jaar Romanisering. Het Groene Woud werd een soort van ‘industriegebied’ voor de productiegoederen voor de Romeinse forten.

post

Aachen Aquae Granni

Flint quarries on the Lousberg, Schneeberg, and Königshügel, first used during Neolithic times (3,000–2,500 b.c.), attest to the long occupation of the site of Aachen, as do recent finds under the modern city’s Elisengarten pointing to a former settlement from the same period. Bronze Age (ca. 1600 b.c.) settlement is evidenced by the remains of barrows (burial mounds) found, for example, on the Klausberg. During the Iron Age, the area was settled by Celtic peoples who were perhaps drawn by the marshy Aachen basin’s hot sulphur springs where they worshipped Grannus, god of light and healing.

Later, the 25-hectare Roman spa resort town of Aquae Granni was, according to legend, founded by Grenus, under Hadrian, in ca. a.d. 124. Instead, the fictitious founder refers to the Celtic god, and it seems it was the Roman 6th Legion at the start of the 1st century that first channelled the hot springs into a spa at Büchel, adding at the end of the same century the Münstertherme spa, two water pipelines, and a likely sanctuary dedicated to Grannus. A kind of forum, surrounded by colonnades, connected the two spa complexes. There was also an extensive residential area, part of it inhabited by a flourishing Jewish community. The Romans built bathhouses near Burtscheid. A temple precinct called Vernenum was built near the modern Kornelimünster/Walheim. Today, remains have been found of three bathhouses, including two fountains in the Elisenbrunnen and the Burtscheid bathhouse.
img_4336img_3928

img_3932

post

Ceuclum (Cuijk)

Ceuclum, het hedendaagse Cuijk, was een Romeinse nederzetting in de provincie Neder-Germanië (Germania Inferior). Ceuclum staat vermeld op de Peutinger kaart (Tabula Peutingeriana) tussen Blariacum ((Hout-)Blerick) en Noviomagi (Nijmegen).

img_6996

Ceuclum werd rond het jaar 50, tijdens de regering van keizer Claudius, gesticht op een heuvel bij de Maas, waarschijnlijk door de Romeinse veldheer Gnaius Domitius Corbulo. Het was oorspronkelijk een houten fort (castellum) met aarden omwalling met palissadewanden en omgeven door twee of drie grachten. Het fort was 120 bij 150 meter en had een bezetting van ongeveer 500 soldaten. Bij het legerkamp was een burgernederzetting. Waarschijnlijk werd het fort tijdens de Bataafse Opstand van 69-70 tijdig geëvacueerd, waardoor het niet werd verwoest. Nadat de opstand was neergeslagen lijkt Ceuclum door het leger verlaten te zijn: er zijn amper militaire vondsten van na 70 gedaan.
De burgernederzetting (vicus) had een oppervlakte van ongeveer 10 hectare (100.000 m²). Op de plek van het fort werd een Romeinse tempel (templum) gebouwd van 16½ bij 17½ meter. Een replica van dit gebouw staat in het archeologisch themapark Archeon bij Alphen aan den Rijn. In het dorp stond een tweede kleinere tempel, en verder een badhuis.
Tijdens de regeringen van keizer Constantius I Chlorus en zijn zoon Constantijn de Grote werd het land tussen Maas en Rijn versterkt om de graantransporten over de rivieren te beveiligen. Hierbij werd ook een nieuw fort te Ceuclum gebouwd.

De Maasbrug bij Ceuclum

Bij Ceuclum lag een brug over de Maas, waarvan de resten in 1992 werden teruggevonden. Maasvissers wisten al in de 18e eeuw dat er bij Cuijk obstakels in de Maas lagen en bij een zeer lage waterstand konden palen worden gezien. In 1989 onderzocht amateurarcheoloog Joost van den Besselaar samen met duikers van de brandweer duikvereniging Cuijk de plek. Bij zijn onderwateronderzoek ontdekte hij dat de bodem bezaaid was met steenbrokken en palen. Nader archeologisch onderzoek wees uit dat hier een Romeinse brug over de Maas heeft gelegen. Er werden resten van zes brugpijlers gevonden. Een aantal van de gevonden brugfragmenten zijn te bezichtigen in Museum Ceuclum te Cuijk.
Een van de houten palen waarop de stenen pijlers stonden kon worden gedateerd en stamt uit 364. Omdat de dateringen van de houten resten ver uiteen lopen, is het aannemelijk dat de brug vaak hersteld is geweest. Men vermoedt dat de brug tot in het begin van de 5e eeuw in gebruik is geweest, omdat de jongste stammen op het jaar 390 zijn gedateerd. De resten zijn vrij goed bewaard gebleven en brachten een goed inzicht van de constructie van de brug. Zware vierkante eikenhouten palen van 40 cm dik en 2 tot 3 meter lang met een smeedijzeren punt, de zogenaamde paalschoen, werden in de Maasbedding gedreven. Op deze paalfundering werden de kalkstenen pijlers gebouwd. De steenblokken werden onderling verbonden met doken; ijzeren krammen die in daarvoor gemaakte groeven in de steenblokken werden gezet en dan met lood werden aangegoten. De Romeinse Maasbrug bij Cuijk was een van de bruggen over de Maas ten tijde van het Romeinse Rijk; de Romeinse Maasbrug in Maastricht en bij Venlo waren de anderen.

Opgravingen

Al vanaf 1850 is er archeologisch onderzoek gedaan naar het verleden van Cuijk, maar de eerste grote opgravingen werden in 1937 en 1948 gedaan door Albert van Giffen. In 1964 tot 1966 werd onderzoek gedaan door J.E.Bogaers en tussen 1989 en 1993 werden de resten van de Romeinse Maasbrug onderzocht. In 1997 werd een kort archeologisch onderzoek in het centrum van Cuijk uitgevoerd op de plaats waar het winkelcentrum Maasburg werd gebouwd. Er werden resten van bebouwing gevonden. Naast munten en aardewerk werden ook 4e-eeuws Romeinse lederen schoenen gevonden van een schoenstijl die tot dan toe alleen van afbeeldingen bekend was.

img_6992img_7028 img_7010 img_7009 img_7006 img_7005 img_7004 img_7003 img_7002 img_7000 img_6999 img_6998 img_6995 img_6994

post

Lecce

LECCE4228The Roman amphitheatre is located in the central piazza Sant’Oronzo, the very heart of city.

Featuring an elliptical layout, it’s partly buried and partly supported by arcades resting on tuff columns. The amphitheatre of ancient Lupiae lies on what once were the eastern outskirts of the Roman city of Augustan Age, and was capable of seating a max. of 14.000 spectators, arranged in two tiers of seats, of which only the lower one still remains.

Particularly interesting are the fragments of friezes unearthed during excavations and the Latin inscriptions, which are to be found in the gallery dug into the rocks surrounding the arena. Recommended are the groups of historiated capitals and some bas-reliefs depicting scenes of venationes.

LECCE4341 LECCE4340 LECCE4227 LECCE4226 LECCE4225 LECCE4347 LECCE4346 LECCE4345 LECCE4344 LECCE4343